Algemene Politieke Beschouwingen 2015 van VHP fractieleider Ch. Santokhi

Mevrouw de voorzitter,

als we vandaag hier in uw geachte college staan, ruim 6 maanden na de verkiezingen en 3 maanden na het aantreden de regering Bouterse ll, dan beschouw ik de regering als het politieke schip dat de kade heeft verlaten in goed en zonnig weer. Nu is het schip in slecht weer gebracht en aan de horizon is het goed weer te zien. De vraag is of de kapitein en zijn bemanning in staat zijn in de richting van goed weer te gaan en gevaren te ontwijken of dat men niet de juiste bemanning, expertise en ervaring heeft om het volgeladen waardevolle schip met hoop, vertrouwen en visie uit de gevarenzone te halen.

Dit is het dilemma waarmee wij vandaag anno 2015, veertig jaren na de onafhankelijkheid, te maken hebben. Een korte blik op de begroting van 2016 en nog meer op de recente financieel-economische crisis schept wel een beeld dat er na 40 jaar onafhankelijkheid heel anders moest uitzien. Hebben de huidige regeerders het vertrouwen in “eigen kracht en eigen kunnen”, heeft de rest van het politieke veld vertrouwen in hun handelen en doen?

Maar belangrijker nog heeft het Surinaamse volk het vertrouwen dat deze regering in staat is de nodige en noodzakelijke aanpassingen, veranderingen en vernieuwingen te brengen en het vastgestelde beleid te implementeren rekening houdend met de belangen van het Volk, met name van degenen die al weinig bestedingsruimte hebben. Als we eerlijk en open zijn, voorzitter, dan, op basis van wat ik gezien heb, van wat mij verteld is en van wat ik gehoord heb van de kleine vrouw en man in de straat, bekruipt mij het nare gevoel dat dit vertrouwen er niet meer is.

Mevrouw de voorzitter, het Volk voelt zich gepakt. Afgelopen maandag gaf de regering in het parlement een aanzet om het vertrouwen en het geloof in de regering te herstellen middels een pakket aan maatregelen.En we zullen met de president van mening verschillen dat de werkelijke oorzaak van de problemen zijn toe te schrijven aan de daling van de grondstoffen prijzen van bauxiet, goud, olie in de wereld. Deze hebben zeker een bijdrage gehad en deze daling kon inderdaad niet voorzien worden in de glazenbol die we niet hebben, maar president regeren is vooruitzien, en de realiteit is dat we de “goede tijden” niet hebben benut voor inrichting van de zogenoemde stabiliteitsfonds, maar dat we doorgegaan zijn met een ongebreidelde uitgavenbeleid.

Kortom de voorgaande regering heeft een beleid gevoerd, gekenmerkt door meer uit te geven dan te verdienen, kortom: de tering is niet naar de nering gezet. Dat is de werkelijke oorzaak van onze problemen hier en nu. Op het pakket van maatregelen stelden, wij van de oppositie toen; regering dat is nog onvoldoende. Gaat u de kosten van de gevolgen van de verhoogde maatregelen en de doorwerking ervan naar de burger, naar de gezinshuishouding, naar de studenten, naar de huisvrouwen, naar de ondernemers, naar de agrariërs, naar de ambtenaren doorberekenen.

Gaat u in samenwerking met deskundigen en stakeholders een samenhangend pakket van maatregelen treffen met een uitvoeringstraject; met een financieringsplaatje; met een centraal coördinatiepunt; met evaluatie en bijstellingsmechanismen. Alle maatregelen, alle intenties, alle beloftes en voornemens bij elkaar zijn niet relevant; - als zij niet in samenhang en gecoördineerd worden uitgevoerd, - maar ook als de uitvoering geen rekening houdt met de sociale noden en het economische belang van de individuele Surinamer.

Voorzitter het gepresenteerde pakket van maatregelen zijn nog niet voldoende, omdat het geen garantie biedt tot stabilisatie van de economie, geen herstel van vertrouwen uitstraalt, maar ook niet eerlijk en niet gerechtvaardigd is naar de samenleving, gezien de omvang en ernst van de negatieve gevolgen van de getroffen maatregelen. Bovendien ontbreekt het hieraan gekoppeld integraal plan voor de korte en middellange termijn dat zal moeten leiden tot herstel en groei van de economie.

Mevrouw de voorzitter,

Wij zijn op een kruispunt beland. We willen niet terug naar de jaren van een structureel aanpassingsprogramma en we hebben nog tijd om het tij te keren, we hebben nog tijd om het schip uit zwaar stormachtig weer weg te halen, maar daarvoor zullen de kapitein en zijn bemanning serieuze dingen moeten doen om het vertrouwen terug te winnen. Als VHP hebben we ons op het standpunt gesteld dat we goed beleid zullen ondersteunen en onze bijdrage zullen blijven leveren in het belang van de Staat Suriname en in het belang van het Surinaamse Volk. Maar ook dit standpunt wordt soms met gemengde gevoelens ontvangen door de samenleving en de achterban van de VHP.

Men stelt dat wij voortdurend gewaarschuwd hadden en dat men niet naar ons had willen luisteren. Waarom zou men nu luisteren? En men verwijst ook naar wat wij bij eerdere Algemene Politiek beschouwingen en begrotingsbehandelingen gezegd hadden: Alles waar wij de afgelopen jaren voor gewaarschuwd hadden bij de algemene beschouwingen zijn uitgekomen; Wij hadden gewaarschuwd tegen het verkwistend beleid; Wij hadden gewaarschuwd dat als er geen geld in goede tijden opzij wordt gezet om slechte tijden door te komen (bijv. het Stabilisatiefonds) wij in zwaar weer terecht zouden komen; Wij hebben gewaarschuwd tegen de vele corruptiegevallen;

Wij hadden gewezen op het vertrek van Suralco en hebben gewaarschuwd voor de onderhandelingen met de Suralco; Wij hadden gewezen op het gebrek aan transparantie en verantwoording; Wij hadden gewezen op de onverantwoorde groei van het ambtenarenapparaat;

Wij hebben er op gewezen dat zaken niet planmatig verlopen, maar ad hokkerig; Wij hebben er op gewezen dat de rechtstaat en veiligheidsinstituten werden verzwakt; Wij hebben gewezen dat de overheidsvoorlichting vervallen was tot pure propaganda; Wij hebben vastgesteld dat de regering het eigen Ontwikkelingsplan 2011-2016 niet heeft gevolgd; Wij hebben vastgesteld dat ministeries zijn uitgehold; Wij hebben vastgesteld dat ambtenaren a la dol werden ontheven en gefrustreerd; Wij hebben vastgesteld dat onze economie niet is gediversifieerd.

De lijst is veel uitgebreider, maar ik verwijs kortheidshalve naar de vorige Algemene Politieke Beschouwingen. Door dit alles is er geen sprake geweest van de beoogde positieve transformatie van de samenleving in de afgelopen vijf jaar. In plaats daarvan zien wij een verzwakt overheidsbestuur dat niet in staat is om het beleid uit te voeren. En nu zullen als gevolg van de financiële beperkingen vele overheidsdiensten –zoals de politie, brandweer, ziekenhuizen- in grote problemen komen. Vele bedrijven komen nu reeds in problemen en de werkloosheid zal stijgen.

Wij zien een samenleving die op een pad is gezet van enorme verarming. Het volk is thans daadwerkelijk de dupe van het gevoerde beleid. Vele gepensioneerden zijn door de devaluatie inmiddels de helft van hun pensioen kwijtgeraakt, om niet te spreken van degenen die met veel moeite wat geld gespaard hadden. Dit had helemaal niet gehoeven indien de adviezen van de oppositie waren opgevolgd. Er is niet geluisterd naar nationale en internationale deskundigen, ook niet naar de oppositie.

De VHP is voorstander van de institutionele versterking van de overheidsinstituten het onmiddellijk reactiveren van de Sociaal-Economische Raad [SER] en wij zullen als wij hiertoe gevraagd worden, zeker onze bijdrage leveren. Plannen voor economische ontwikkeling behoren in goed overleg met de particuliere sector te worden vastgesteld. Dit vereist een goede dialoog tussen sociale partners. Betrokkenheid van bedrijfsleven, vakbeweging en maatschappelijk middenveld bij planning en uitvoering van beleid kan o.a. via de SER en het tripartiete overleg.

Er moet maatschappelijk draagvlak worden gecreëerd voor herstel beleid, er moet structureel overleg bestaan tussen de sociale partners en het beleid moet transparantie toenemen. Voorts is een goed planorgaan vereist. Instituten als het planbureau, de ABS, Clad, rekenkamer, interne controle, Financiële zaken, belangrijke ministeries en andere spelers moeten hun kaders al in place hebben om het beleid uit te stippelen.

De VHP is voorstander van structurele aanpak van de aanpak van corruptie en een Nationale Corruptie Preventie Commissie, bemenst door onafhankelijke prominente Surinamers, die in samenwerking met de justitiële autoriteiten, de corruptie van het heden, maar ook van het verleden moeten aanpakken. We kunnen van het Volk niet verwachten dat zij de buikriem moeten aantrekken en tegelijkertijd lopen velen die miljoenen hebben gestolen lopen vrij. De gestolen bedragen moeten geconfisqueerd, terug gevorderd en teruggestort worden, waarmede ontwikkelingsprojecten kunnen worden gefinancierd.

Maar voorzitter hiervoor moeten de instituten belast met de opsporing, onderzoek, vervolging en berechting versterkt worden; deskundigen, zoals forensische experts moeten aangetrokken, om deze onderzoeken efficiënt en effectief uit te voeren.

Het Volk heeft te maken met een systematisch inkrimpende bestedingsruimte, dus ze hebben minder geld beschikbaar, maar ook nog geld dat minder waard is, hetgeen het leven voor wat betreft de noodzakelijke en dagelijkse uitgaven enorm moeilijk maakt. We zien drie dingen tegelijkertijd gebeuren:
- ten eerste is de inflatie aan het toenemen, hetgeen betekend hogere prijzen,
- ten tweede heeft de devaluatie van 25% de bestedingsruimte met een kwart verminderd,
- en ten derde komende deze recente maatregelen en ontwikkelingen bovenop de toename van tarieven voor benzine, elektriciteit en water.

Deze situatie zal tot ernstige problemen leiden voor de samenleving en leiden tot structurele armoede. Deze situatie leidt tot crises in verschillende sectoren en instituten. Er moet een integraal samenhangend pakket van crises maatregelen genomen worden om de nood in de samenleving, voor de verschillende doelgroepen, maar vooral bij de kwetsbare groepen te verzachten. Kijken we naar de Regeringsverklaring, dan moeten wij constateren dat de jaarrede van woensdag 30 september gecombineerd is met de regeringsverklaring, hetgeen ons inziens geen gelukkige keus lijkt. In de regeringsverklaring wordt verwacht een visie voor de komende 5 jaren gebaseerd op het regeerakkoord. We missen ook de consistentie voor wat betreft het regeerakkoord en de jaarrede van woensdag 30 september. Is het bestaand ontwikkelingsplan 2011 – 2016 reeds grondig geëvalueerd? Op welke termijn kunnen het ontwikkelingsplan 2016 – 2021 verwachten?

De bestudering van de jaarrede levert een beeld op van grote ambities, die moeilijk waar te maken zijn door de gebrekkige middelen, gebrekkige uitvoeringscapaciteit, gebrekkige ambtelijke-politieke coördinatie en de ontbrekende managementkwaliteiten op de diverse ministeries. Juist over deze laatste aspecten maken wij van de VHP ons zich ernstige zorgen. Helaas doet de regering in de jaarrede geen suggesties voor de oplossingsmodellen om iets te doen aan de verbetering van de uitvoeringscapaciteit en de prestaties van het ambtelijk apparaat die overigens SRD 2.176 miljoen (43% van de overheidsuitgaven uitmaken) opslokken en ons als belastingbetalers flink wat kost. Gelet op de situatie in het land missen wij tevens een analyse van de ontwikkelingen (economisch, sociaal-maatschappelijk, technologisch en organisatorisch) in het land.

In de inleiding kiest de President in termen van algemene internationale randvoorwaarden (Klimaat, Soevereiniteit van landen, Nationale eenheid) te bespreken, terwijl de lokale ontwikkelingen in ons land die zich voltrekken, die bepaald niet bevorderlijk zijn voor de eenheid en welvaart in ons land. Ik mis een goede lokale analyse in ons land. Wanneer we de baten van het duurzaam conserveren van onze bossen willen uitbuiten dan moet deze ten goede komen van investeren in de menselijke hulpbronnen in het land.

De VHP wil haar bezorgdheid uitspreken voor de gebrekkige aandacht voor maatregelen die de burger raken. We zijn zeker content met het welvaartsvast maken van de pensioenen. Maar er zijn meerdere doelgroepen die het bepaald niet makkelijk hebben in de samenleving. Uiteindelijk kan je mooie showprojecten hebben en grote infrastructurele werken presenteren en uitvoeren, maar als het volk zich niet voldoende ontwikkelt dan gaat het welvaartsniveau niet omhoog.

De sociale kaart van Suriname ziet er niet mooi uit gelet op koopkracht, armoede, het aantal verkeersdoden, het aantal zelfmoordgevallen, tienerzwangerschappen, scheidingen, het aantal zwervers, het aantal psychisch gestoorde mensen, etc. Het is bepaald niet gunstig. Wij missen veel te weinig aan analyses, statistieken, beleidsintenties en maatregelen in de jaarrede ten aanzien van deze punten. Wij zijn bezorgd over de heersende normen en waarden in het land.

Maar, wat ons het meeste tegenvalt in de jaarrede is de wijze waarop de regering meent de samenleving verantwoording af te leggen over het gevoerde beleid van het afgelopen jaar (jaren). Bij bestudering van de ontwerpbegroting 2016 valt op een halvering van budgetten van de verschillende ministeries. Maar , welke gerichte keuzes zullen worden gemaakt. We missen de verschillende jaarverslagen van de ministeries. De prestaties van de respectievelijke ministeries en de financiële huishouding worden niet inzichtelijk gemaakt en telkens wordt ons volk weer mooie wenselijkheden voorgehouden zonder dat goed inzicht wordt verschaft in wat men daadwerkelijk reeds heeft bereikt.

Immers de regering moet op zijn beloftes en daden worden afgerekend. Wat was de begroting van het voorgaande jaar en het begrotingstekort en hoe zijn de prestaties ten opzichte van begroting en inkomsten en uitgaven. Moeten wij steeds wachten op het oordeel van verzwakte instituten als de Rekenkamer en CLAD per begrotingsjaar en waarom kunnen de begrotingscijfers van voorgaande jaren niet met elkaar worden vergeleken. Ook is niet concreet vermeld hoe de verdiencapaciteit van ons land verhoogd zal worden. De tijdsperioden waarin de voornemens van de President zouden moeten worden gerealiseerd ontbreken eveneens, overigens net als in de vorige jaarredes.

Hoe met het vraagstuk van de toenemende vraag naar energie zal worden omgegaan wordt onvoldoende uitgediept. Hoe de samenhang c.q de integraliteit tussen de uitvoerende ministeries te verbeteren , aangezien het er veel weg van heeft dat er meerdere regeringen ons land besturen, is onaangeroerd gebleven. De jaarrede maakt gebruik van begrippen die niet nader worden uitgediept. Zo vragen we ons af wat de zin op de voorkaft betekent: “EEN WELZIJNS-SAMENLEVING DOOR DUURZAME ECONOMISCHE GROEI”. Wat verstaat u onder een welzijnssamenleving? Hoe denkt u onder onze financiële omstandigheden duurzame economische groei te kunnen realiseren? Want we constateren juist een samenleving, die aan het verarmen is.

In de jaarrede doet de president gewag van De “nieuwe Overheid”. Zal die er een zijn met een katalyserende, faciliterende, aanmoedigende, controlerende en completerende rol? In dit dienstjaar zal begonnen worden met de uitvoering van de onvermijdelijke rationalisatie van het overheidsapparaat.

Er zijn door de jaren heen verschillende pogingen gedaan de overheid te rationaliseren; hoe denkt u dat te doen? Ook tegen de achtergrond dat de regering voor de verkiezingen enkele duizenden ambtenaren in dienst heeft genomen? Deze crisis waar we nu in terecht zijn gekomen is geen tijdelijke crisis, het is geen conjuncturele crisis om de woorden van economen te gebruiken. En het gaat niet alleen maar om de prijs van olie en goud, en wanneer die hoger wordt dan zijn we uit alle problemen. Het gaat om een structureel probleem en zolang er geen structurele maatregelen getroffen worden om zaken fundamenteel aan te pakken zal het ‘pur bruku, wer bruku zijn’.

Ik hoop dat de regering de ernst van de zaak goed beseft en dat is wat deze samenleving zorgen om maakt en om bescherming vraagt van deze regering. De minister van Financiën treft wel maatregelen om te bezuinigen, maar bezuinigingen alleen zullen niet helpen. Er moeten niet alleen korte termijn maatregelen genomen worden, maar vooral ook lange termijn maatregelen. Maar bezuinigen zonder een visie, is helemaal niet verstandig voor de economie, zeggen de deskundigen, maar je kunt bezuiniging niet uitsluiten. Om uit het financiële dip te komen moet er zowel op financieel als economisch gebied maatregelen getroffen worden. Men zal moeten nagaan welke uitgaven op de begroting op korte termijn een direct positief effect zullen hebben op onze economie en de werkgelegenheid en welke niet. Hoe voorkom je liquiditeitsproblemen en stimuleer je investeringen.

Bij bezuiniging zul je je rekening moeten houden dat mensen zich zorgen maken over de economie, hun pensioen, hun baan, huishuur enz. Tussen haakjes: Hoeveel hout snijdt het economisch herstelpakket van de regering van Suriname. Wanneer een land in financieel dip verkeert, zullen burgers minder besteden en bedrijven gaan niet investeren, inkrimping van personeel kan plaatsvinden en er zijn ook gevolgen voor de banken. Werkgevers en werknemers moeten loonmatiging afspreken. Ze krijgen dan lagere belastingen. Dat herstelt de kracht van de economie. Behalve maatregelen op korte termijn is het urgent om ook na te denken dat deze economische crisis gevolgen heeft op lang termijn. Recessie brengt met zich mee : massaontslagen, extra werklozen, faillissementen, groot begrotingsgat en astronomisch oplopende staatsschuld.

Voorzitter, we zitten met crises en hebben crisisbeleid nodig; we hebben crises strategie nodig; een crisis organisatie en management met een strakke en centrale aansturing van het beleid om de crises aan te pakken. Ik bemerk echter geen integraal plan, geen strategie, geen crises instituten; geen urgentie, geen centrale monitoring; dit maakt dat het vertrouwen uitblijft en zelfs verder zakt. Mensen werken hard met een vooruitzicht op een goede pensionering. Dat vooruitzicht is er helaas voor vele Surinamers niet! Burgers worden bijna dagelijks geconfronteerd met verontrustende signalen en berichten. De burgers willen dat de overheid adequaat handelt.

Burgers moeten erop kunnen vertrouwen dat de financiële crisis goed wordt aangepakt. Alleen een verstandig beleid kan structureel leiden tot een financieel economische basis : een lage werkloosheid, goed functionerend bedrijfsleven, stijgende productiviteit en het innovatief vermogen. De problemen van de financiële sector moeten bij de wortel worden aangepakt, zodat er weer sprake kan zijn van een dalende inflatie en een stijgende koopkrachtontwikkeling. De liquiditeit van de bedrijven moet worden vergroot om schokken in werkgelegenheid voor werknemers op te vangen.

Er moet dus een koerswijziging komen in het beleid. Er moet meer aandacht komen voor overleg tussen werkgever, werknemer en overheid, een goede kwaliteit van sociale voorzieningen, een goed sociaal vangnet. Er moet een sociale en economische ordening van de samenleving plaatsvinden. De economie wordt kwetsbaarder gemaakt als wordt volgehouden dat er niets aan de hand is dat onze economie tegen een stootje kan en dat de begroting vrijwel op orde was. Regering hoe lang denkt u dat de crises zal duren, dus wanneer kan er weer stabiliteit optreden? De financiële crisis is niet iets wat ons overkomt alsof het een natuurramp is; zij is het gevolg van een gekozen politieke koers!

In dit betoog wil ik verder ook nadruk leggen op de lange termijn maatregelen. Voor de lange termijn, maar ook de middellange termijn is vooral heldere visie nodig. Waar wil de regering naartoe en hoe komen we daar, is dat wel de juiste visie en oplossing. Ik moet dan alvast constateren dat de regering nog geen ontwikkelingsplan voor de komende regering heeft voorgelegd aan de volksvertegenwoordigers. Dat betekent dat het oude Ontwikkelingsplan 2011-2016 nog steeds geldt. Maar dat plan hebben we reeds in vorige jaren besproken en toen geconstateerd dat de regering mooie woorden had opgeschreven, maar dat de daden vaak tegenovergesteld waren aan de intenties.

Laat mij dan het tweede punt uit de titel van de jaarrede nemen nl. duurzame economische groei. Wat bedoelt men daarmee en hoe wil men dat bereiken? Uit de regeringsverklaring kunnen we halen dat men de economie wil diversificeren en met name de agrarische sector, toerisme en dienstensector wil uitbreiden. Dit zijn geen nieuwe ideeën, want men zou Suriname al onder de vorige regering maken tot de voedselschuur van het Caribisch gebied. Nergens lezen we waarom dat toen niet is gelukt en waarom dat nu wel zal lukken. De minister van LVV zegt in de media dat hij zich zorgen maakt over de agrarische sector en legt de gevolgen van dit besluit op het bord van de minister van financiën.

1.Wat zijn de gevolgen van deze besluiten: werkloosheid, import van dierlijke eiwitten en andere voedsel die het volk nodig heeft, wil men deviezen out flow?
2. Voor de stimulering van de landbouw sector is voor LVV op de begroting voor 2015 goedgekeurd 12.000.000 SRD, en voor 2016 is op de begroting voor LVV
opgebracht voor stimulering van de landbouwsector op gebracht 3.000.000 SRD.
3. Wat gaat de min van LVV doen met 3,0 miljoen in 2016? Een begroting voor de stimulering van agrarische sector dat met 75% omlaag is gegaan, terwijl deze sector bij
uitstek hulp kan bieden via import vervanging en exporten naar de Caricom.
4. Hoe rijmt de regering deze daad met haar streven voor vergroting van de bijdrage voor de agrarische sector?

We vragen de regering met enige urgentie een masterplan voor de Landbouw en daarin zullen zeker wat ons betreft maatregelen moeten worden opgenomen voor een betere toegang tot landbouwinputs en diensten, met inbegrip van meststoffen en zaaizaad. We zien de gevolgen van de slechte financiële economische situatie ook doorwerken naar de sociaal maatschappelijk sector:

1. Sustainable Development Goal nummer 1 is armoedebestrijding, kan de regering aangeven wat onder armoede nu wordt verstaan, wat de armoede grens anno november 2015 is, hoeveel % van de bevolking leeft onder deze armoede grens.

2. Deze situatie heeft ook negatieve effecten naar de Werkloosheid. Volgens de ILO in een uitgebrachte rapport “Global Employment Trends 2014, werd Suriname geregistreerd als een land met de hoogste werkloosheid in zuid Amerika in 2013.

De werkloosheid bedroeg in 2013 12,4 %. Het was toen ook vier na de hoogste in de America’s. (de west 23 jan 2014). De ILO sprak toe haar bezorgdheid uit over het feit dat globaal gezien jongeren het meest te verduren hebben van werkloosheid. Dit vraagt een beleid waarbij meer financiële middelen worden gealloceerd voor beroepsopleidingen voor jongeren op basis van de vraag naar geschoold kader door het bedrijfsleven. We pleiten daarom dan ook voor gericht beleid. Kan de regering aangeven wat ter zake zal worden ondernomen ter oplossing van het werkloosheidssituatie in het land?

We zien de Directe gevolgen ook naar de agrarische:
Agrarische sector; Veel vissers zitten thuis zonder werk. De vissers keren de visserij sector de rug toe. Ze kunnen niet meer leven van de visvangst; Rijstboeren zitten in grotere problemen; Landbouwers zitten met verhoogde kosten; consumenten vraag neemt af omdat ze niet meer uitkomen met hun lonen en salarissen; Ondernemers zitten in problemen, omdat ze door de brandstofbelasting en andere verhogingen ze niet uit hun kosten komen. Hun inkomsten vallen weg en daardoor een deel van het nationaal inkomen.

We zien ook de negatieve doorwerking van de situatie naar de sector van de Mijnbouw en natuurlijke hulpbronnen:
1. De regering had de Brokopondo overeenkomst bijna in gevaar gebracht.
2. Wat is de stand van zaken van de onderhandelingen
3. Wat is de stand van zaken m.b.t. de sluiting? De arbeiders?
4. Met het wegvallen van vele honderden miljoenen door het vertrek van de Suralco, door de daling van de aardolie en de goudprijs zijn wij met de neus op de werkelijkheid gedrukt; ander beleid moet worden gemaakt en uitgevoerd worden
5. Met door ons voorgesteld beleid kunnen we betere garanties bouwen voor de jongeren van nu, het volk van morgen. Wat zijn de plannen ter zake die zijn uitgewerkt?
6. Kan de regering aangeven waarom het Ethanolproject is gestopt?
7. Wat is de stand van zaken van de staatsolie productie
8. Wat zal de staat besparen
9. Wat is de schuldpositie van staatsolie
10. Waarom is voorkeur gegeven aan aankoop van generatoren i.p.v.duurzame goedkopere bio-energie, met veel werkgelegenheid en multiplier voordelen? Gaarne horen we van de regering!

De effecten naar de volksgezondheid:
1. we hoorden een week of wat geleden de noodkreet van onze nierdialyse patiënten. Ze hadden het over de onvoldoende ontoereikende basiszorg verzekering ter zake?
2. Dit probleem hebben wij 1 jaar terug, bij de behandeling van de wet op basiszorgverzekering aangegeven. We zagen dit aankomen. We hadden deskundigen geraadpleegd.
3. Maar de regering heeft niet geluisterd naar ons. De garantie van de regering toen was dat niets fout zat, alles was goed! Nu merken we dat het anders ligt en vele zieken geraken in grote problemen.
4. Regering u had maandag al enkele maatregelen al aangekondigd; wat is de stand van zaken daarvan?
5. Wanneer komt een definitieve oplossing voor degenen die door de basiszorgverzekering niet worden gedekt en het zelf niet kunnen betalen?Moeten deze mensen gelden gaan lenen?

De gevolgen ervan naar het buitenlands beleid en de Buitenlandse posten toe.
- Tigri kwestie : we hebben het standpunt van de regering aangehoord tijdens de regeringsverklaring; we hebben de harde taal van de Guyanese president gehoord, kan de regering aangeven wat de plannen van Suriname precies zijn en wat de inzichten zijn naar zowel de kwestie van Tigri als het conflictgebied tussen Guyana en Venezuela en/of deze inzichten ook kenbaar gemaakt zijn naar de presidenten van Guyana en Venezuela.
- Buitenlandse posten : kan de regering aangeven wat de totale jaarlijkse kosten zijn, per post?
- Wat is het beleid m.b.t personeel en gebouwen in het buitenland in het kader van bezuiniging door de regering zelf.
- Kan de regering aangeven hoe het zit met de aangekochte ambassade gebouw in Parijs, wat heeft het uiteindelijk gekost en wat met dat gebouw nu gebeurt?

Wat is beleidsvisie regering m.b.t de aanpak van de crises?
a. Wij stellen voor dat beleid duidelijk aangeeft de ontwikkelingsrichting, urgentie en prioritering,
b. het moet hebben een eenduidige concrete implementatie strategie,
c. participatie van stakeholders en verantwoordings- mogelijkheden.
d. Uitvoerders c.q. de regering moeten kunnen worden aangesproken op de realisatie van dat duurzaam ontwikkelingsbeleid;
e. Zeer korte termijn; Welke maatregelen gaat u treffen?
f. Welke zijn de beleidsmaatregelen voor de Korte, middellange termijn en Lange termijn gegeven de nationale en internationale financieel economische beperkingen.
g. De regering ontwikkelt een meerjarenplan, met aandacht voor nieuw perspectief en versterking van de reële sector: voor (sub)sectoren kunnen sectorplannen uitgewerkt worden.
h. Instelling van een doeltreffend planorgaan dat in staat is economische berekeningen en projecties te maken, wordt ernstig in overweging gegeven.
i. Met de sociale partners moet het werkloosheidsvraagstuk besproken worden.
j. De jaarbegrotingen worden zodanig opgemaakt dat zij voldoen aan gangbare erkende normen.
k. Twee verdere praktische opmerkingen kunnen hier nog gemaakt worden.


1. Ten eerste zijn pas de Sustainable Development Goals in de VN aangenomen; ook ons land is contractpartij. De SDG zijn de opvolgers van de MDG en zijn voor de komende 15 jaren, tot 2030 vastgesteld.
a. De regering kan deze SDG benutten om een nationale lange termijn ontwikkelingsagenda vast te stellen.
b. De vraag is hoe Suriname zal voldoen aan deze mondiale verplichting om niet achteraan te lopen. Hoe is de prioritering van deze doelen voor ons?
c. Zijn de randvoorwaarden al klaar voor het maken en uitvoeren van beleid voor het bereiken van deze doelen?

2. De tweede opmerking ligt in het verlengde: er is een initiatief geweest van de VHP tot een 2030 Vision. Wij hebben toen de president uitgenodigd om te participeren en ook de resultaten aangeboden aan de regering. Helaas is er toen niets mee gedaan. De President zou dit kunnen aangrijpen, nu aan het begin van de nieuwe regeertermijn. Want er is een nieuwe visie nodig voor de ontwikkeling van ons land. In de afgelopen vijf jaar is er niets structureels gedaan om de economie te diversificeren. Men heeft onze afhankelijkheid van olie en goud alleen maar vergroot, zonder een deel van de opbrengst daaruit te gebruiken voor de ontwikkeling van andere sectoren. Indien men een deel van de opbrengsten had gestopt in de concrete activiteiten van de agrarische sector, toerisme en dienstverlening dan waren wij nu een heel eind verder.

De producten die thans nog worden geïmporteerd en die hier in het land kunnen worden voortgebracht had vervangen kunnen worden(importvervanging). Dat zou een grote besparing zijn en een push voor de werkgelegenheid! Indien men goed had samengewerkt met het bedrijfsleven i.p.v. zich alleen maar op ambtenaren te richten waren we een heel eind verder. Indien men de universiteit en andere belangrijke instituten en parastatale bedrijven had bemenst met echte deskundigen dan waren we een heel eind verder geweest.

Vragen aan de regering:
1. welke oplossingen zijn er concreet voor de genoemde problemen op korte en lange termijn.
2. zijn de 12 genoemde maatregelen, waarvan het grootste deel populistisch aandoet, vertaald naar de begroting?
3. Regering, de CBvS heeft de kasreserve verhoogd. De handelsbanken zitten in problemen en hebben steun nodig om hun balans te versterken. Het bankwezen en de kredietverlening moeten op gang komen om de economie te versterken. Welke voorzieningen en maatregelen gaat u hiervoor in place brengen?
4. De koopkracht is belangrijk, want die is een stimulans voor de economie. Hoe gaat u dit versterken?

Voorstellen:

Wij gaan het roer echt moeten omgooien en dat zal concreet moeten blijken uit de begrotingen, want “you have to put your money where your mouth is”.
- Wij roepen de regering op om deze extra opbrengsten van de staatsolie raffinaderij en straks New Mont niet stoppen in de consumptieve sfeer.
- Wij roepen de regering op om met deze gedachte in overweging te nemen en beleid te ontwikkelen om duurzaam te besparen.
- Met dit beleid zullen naar mijn mening, de meer opbrengsten moeten worden geïnvesteerd in inkomensverhogende acties, o.a in de Spaar en Stabilisatie fonds t.b.v:
1. werkgelegenheidsschepping,
2. bevordering en stimulering van productie en ondernemerschap
3. goed onderwijs, preventieve volksgezondheid,
4. bevordering van een goede levensstijl.
5. Bevordering van dienstensector
6. Bevordering van IT sector
7. Onze landbouwer met garanties inzetten en goed begeleiden,
8. zorgen voor goede en effectieve productie organisatie en investeringsfaciliteiten,
9. zorgen voor goed plantmateriaal, irrigatie en drainage in orde maken, en verder zal onze grond, water, en zonlicht van boven voor de productie zorgen.
10. Met de voordelen van deze aanpak in gedachte moeten we als land, zo snel mogelijk het volk en onze ondernemers gepast inzetten en begeleiden en risico’s bij hun verlichten, dan zult u de resultaten zien.
11. Een op hol geslagen economie moet structureel uit het dal getrokken worden. Er moet een masterplan voor de economie komen. Een breed gedragen plan, zodat de economie innovatief, duurzaam en concurrentiebesteding wordt gemaakt. Regering heeft u dit masterplan?

Tenslotte vraag ik de regering, in het bijzonder de president, de aandacht voor het doen opstartten van de discussie met betrekking tot de wijziging van ons kiesstelsel zoals dat door de president in de consultatie ronde met de VHP en andere politieke partijen is beloofd, zodat we in het komend jaar een reeds uitgewerkt concept hebben waarin alle politieke partijen en stakeholders zich terug kunnen vinden. We kijken uit naar de installatie van de commissie die hun wijzigingsvoorstellen moet voorbereiden.

Dank u.